Durf te…..

Je leeft maar heel kort,
Maar een enkele keer.
En als je straks anders wilt, kun je niet meer.
Mens, durf te leven.

Vraag niet elke dag,
van je korte bestaan.
Hoe hebben m’n pa en mijn grootpa ’t gedaan.
Hoe doet ’t m’n neef of hoe doet ’t m’n vriend
En wie weet hoe of dat dan de buurman weer vindt.
En wat heeft het fatsoen voorgeschreven.
Mens, durf te leven.

De mensen bepalen de kleur van je das,
De vorm van je hoed,
En de snit van je jas
En van je leven.

Ze wijzen de paadjes waarlangs je mag gaan
En ze roepen ‘o foei’ als je even blijft staan.
Ze kiezen je toekomst, ze kiezen je werk
En ze zoeken een kroeg voor je uit en een kerk,
En wat je aan de armen moet geven.
Mens, is dat leven ?

De mensen ze schrijven je leefregels voor,
Ze geven je raad en ze roepen in koor :
Zó moet je leven.
Met die mag je omgaan,
Maar die is te min,
En die moet je trouwen, al heb je geen zin.
En daar moet je wonen, dat eist je fatsoen.
En je wordt genegeerd als je ’t anders zou doen,
Alsof je iets ergs had misdreven;
Mens, is dat leven ?
Het leven is heerlijk,
Het leven is mooi.
Maar vlieg uit in de lucht,
En kruip niet in een kooi.
Mens, durf te leven.

Met je kop in de hoogte,
En neus in de wind
En lap aan je laars
hoe een ander het vindt.
Houd een hart vol van warmte,
En van liefde in je borst.
Maar wees op je vierkante meter een vorst.
Wat je zoekt kan geen ander je geven.
Mens, durf te leven.
Mens, durf te leven

 

 

‘Mensch, durf te leven’ is een lied uit 1917, oorspronkelijk geschreven en ook zelf gezongen door Dirk Witte.

Advertenties