Völkerschlachtdenkmal

VölkerschlachtdenkmalOp het vallend blad tijdens de herfst van 1813 wordt er in de buurt van Leipzig wereldgeschiedenis geschreven. De legers van Rusland, Pruisen, Oostenrijk en Zweden staan tegenover het leger van Napoleon, dat naast Fransen ook Poolse en Italiaanse troepen en Duitsers van de Rijnbond bevat. Bij de strijd zijn meer dan 600.000 soldaten betrokken en deze is daarmee de grootste veldslag in Europa tot dan toe. Van 16 tot en met 19 oktober vechten meer dan een half miljoen soldaten voor het toekomstige politieke lot van Europa. Dagenlang wordt er verbitterd bij de dorpen voor de muren der stad slag geleverd. Tenslotte trekt Napoleon zich terug en blijven op het slagveld zo’n 110.000 doden en gewonden achter.

Honderd jaar later wordt op dezelfde plaats, waar Napoleon zich op 18 oktober 1813 tijdens de gevechten bevond, het Völkerschlachtdenkmal door keizer Wilhelm II ingewijd. Aanwezig zijn de koning van Saksen en andere vorsten van Duitse staten, vertegenwoordigers van Oostenrijk, Rusland en Zweden. Het bijzondere van het monument is dat alle slachtoffers worden herdacht, onafhankelijk van de rol die ze tijdens de veldslag hebben gespeeld.

Een prachtig symbool van saamhorigheid en bezinning op een verschrikkelijk gebeuren waarvan ieder vindt dat dit nooit meer mag voorkomen. Mensen van goede wil staan eensgezindheid om het indrukwekkende, 91 meter hoge monument en herdenken slag en slachtoffers.
Eén jaar later staan de staten weer tegenover elkaar en overtreffen het inferno van 1813 in een cultuur- en ethiekvernietigende oorlog, als een gruwelijke, definitieve en vernietigende opvoering waarvan de slag van 1813 de generale repetitie scheen.

Het is prachtig om te herdenken. Om stil te staan bij iets uit het verleden. Iets wat indruk maakte of dat van groot belang is. Herdenken gebeurt vaak naar aanleiding van een handeling of, gebruikelijker, naar aanleiding van de datum. Een jaar, 25 jaar, honderd jaar, een moment dat te bijzonder is om voorbij te laten gaan. Het gevaar van zulke herdenkingen is dat er wordt herdacht omdat het de tijd er voor is, maar dat de essentie van het gebeurde eigenlijk aan ons voorbij gaat. Het is het verschil tussen hart en hoofd. We weten het verstandelijk, maar ervaren het eigenlijk niet als zodanig.

Als de betrokkenen bij het monument in Leipzig in 1913 werkelijk de wil hadden een dergelijke dramatische slag ooit meer te laten gebeuren, omdat ze hadden doorleefd wat het heeft gedaan met land en volk, dan hadden ze er alles aan gedaan om een herhaling te voorkomen.

Of is het te simpel om zo te redeneren?

Iedereen die van goede wil is, zoekt vrede en harmonie op allerlei gebied. En toch laten ook mensen van goede wil steken vallen. Wie valt nooit eens boos uit? Wie vindt soms niet dat een ander ongelijk heeft en zet zijn hakken in het zand? Maar ook: mensen van goede wil zien onrecht of zijn het soms met dingen niet eens, maar laten het toch gebeuren. Is het een vorm van gemakzucht dat we onszelf wijs maken dat we er niets aan kunnen veranderen?
HET IS NIET WAAR.
Iedere mens kan, waar dan ook en hoe klein ook, het verschil maken. We kunnen dat laten, maar we zijn desondanks toch verantwoordelijk. We hebben de plicht mens te zijn en ons te bekommeren om het leven in deze wereld. Waar we kunnen helpen, moeten we dat doen.

Stel jezelf daarbij de vraag: wat kan ik doen? Dat is niet je chequeboekje trekken en een bedrag overmaken, maar daadwerkelijk zèlf iets doen. Niet omdat het moet, niet voor een beloning, maar omdat je dat wilt. Omdat je daadwerkelijk iets wilt bijdragen aan een betere wereld en om het verschil te maken.

De tweede vraag die je stelt is: Wie is hierbij gebaat? Het antwoord zou richtlijn moeten zijn bij je handeling. Heeft het zin wat ik doe? Doe ik het belangeloos?
Daarnaast gaat het om prioriteit. Je kunt bijvoorbeeld al je tijd steken in het scheiden van afval voor een beter milieu, maar als je geen oog hebt voor een hulpbehoevende buurvrouw, die je toch iets niet goed.

Dit jaar herdenken we heel veel; ondermeer dat 150 jaar geleden in Nederland de slavernij werd afgeschaft. Mooi hoor om te herdenken. Wat heeft herdenken daarvan voor waarde wanneer er niet tevens gehandeld wordt? Op ditzelfde moment worden er wereldwijd nog steeds zo’n 100 miljoen mensen gedwongen tewerkgesteld. (En er zijn ook nog miljoenen die gebukt gaan onder slavernij van achterhaalde waandenkbeelden.) Ieder mens heeft recht op vrijheid! Er is nog veel te doen.

 

Er liep eens een jongetje over het strand. Het werd eb en tot zijn schrik zag hij dat een flink stuk strand droog kwam te liggen. Op dat strand lag een groot aantal zeesterren en die zouden vast en zeker helemaal uitdrogen in de felle, warme zon!! Zonder er over na te denken greep hij zijn emmertje. Eigenlijk had hij dat willen gebruiken om een zandkasteel te bouwen. Nu rende hij ermee naar de waterkant en schepte het vol water. Hij liep terug naar de zeester, deed hem voorzichtig in zijn emmertje en holde er mee terug naar de zee. Hij wierp het dier met een grote zwaai in het zeewater. Zo bracht hij de ene zeester na de andere naar de zee.
“Jongen, jongen.” bromde een strandwandelaar die dichterbij gekomen was. “Het heeft toch geen enkele zin wat jij doet. Moet je eens kijken!” Hij maakte een machtig armgebaar en wees daarbij kilometers strand aan. “Overal liggen die zeesterren. Dat is nu eenmaal zo. Dat is de natuur, daar is niets aan te doen. Wat maakt het nu voor verschil of jij er een paar teruggooit in zee, of niet.”

Met grote ogen keek het jongetje de man aan. Hij slikte even en zei toen ferm, terwijl hij op die ene zeester in zijn emmertje wees: “Voor deze, meneer, maakt het álle verschil!”

 

Advertenties