Trajectcontroles

opstelten208Aan
Ministerie van Veiligheid en Justitie
t.a.v. dhr. Mr. I.W. Opstelten
Postbus 20301
2500 EH  DEN HAAG

betreft:  open brief inzake administratieve sancties bij snelheidsovertredingen, inzonderheid bij trajectcontroles

Excellentie,

naar het schijnt dragen nederlandse weggebruikers een respectabel bedrag bij aan ’s lands schatkist in de vorm van opgelegde verkeersboetes, met name waar het gaat om overtredingen die worden verrekend middels een zogenaamde beschikking.  ‘Sancties’ in vaktermen.
Het is een noodzakelijke maatregel om de verkeersveiligheid in dit volle land zoveel mogelijk te garanderen. Controle op verkeersovertredingen en sancties daarop zijn inherent daaraan.

Eind 2010 stelde u een eind gemaakt te hebben aan de bonnenquota. Terecht. Bekeuringen mogen geen doel op zich zijn. Met deze daad wist u agenten enigszins te beschermen tegen onredelijke bejegening door aangehouden overtreders enerzijds en slechte beoordelingen door leidinggevenden anderzijds.
Het is mogelijk dat de plaats van de verfoeide bonnenquota min of meer is ingenomen door een ander dubieus middel, namelijk de trajectcontroles. Ofschoon deze controles op zich zinvol zijn en inhoudelijk effectief schijnen, kleeft er een misleidende kant aan.

Waar deze trajectcontrolesystemen langs provinciale wegen staan, is het effect onomstreden. De veiligheid is hier absoluut mee gebaat.
Rijkswegen daarentegen zijn de veiligste wegen om te rijden. De meeste trajectcontrolesystemen echter staan exclusief op / bij rijkswegen. Sterker, ze staan vaak op plekken waar de snelwegen worden geflankeerd door weilanden en natuurgebieden. Waar het gaat om ongelukken op rijkswegen, worden deze vaak veroorzaakt door vermoeidheid, telefoneren, alcohol en aanverwanten of slecht gebruik van spiegels.

Geconstateerde en beboete overtredingen van de snelheid op rijkswegen leiden per definitie dus niet tot veiliger weggebruik. Zeker niet waar het gaat om overtredingen van tien a twintig kilometer. Weliswaar een overtreding van de maximum snelheid en dus strafbaar, maar handhaving ervan (of het zich houden aan de maximumsnelheid) bevordert niet de veiligheid op de weg.

Dat brengt mij op de sancties. Wie op de rijksweg de maximum snelheid overtreedt met twaalf kilometer, betaalt daarvoor een beschikking van 87 euro. Bij twintig kilometer is dit 160 euro. Een toegenomen snelheid van twaalf kilometer is nauwelijks waarneembaar, zelfs bij honderd kilometer per uur, en de veiligheid neemt er niet door toe of af. (In het midden gelaten of het soms noodzakelijk is te versnellen danwel te vertragen temidden van de verkeersbewegingen.)
De sanctie staat derhalve absoluut niet in verhouding tot de overtreding. Nederland hanteert – op Italië na – het hoogste tarief. (Oostenrijk staat met twintig euro voor twintig kilometer het laagste in Europa; hoezo één Europa?) De hoogte van de sanctie bevordert geen lager overtredingspercentage en kent dan ook geen ander effect dan irritatie en onvrede (lees: disrespect) bij de ontvanger. Ergo: een lagere sanctie sorteert evenveel effect (maar is minder interessant voor ‘s lands schatkist?).

De administratiekosten tenslotte, die de betrapte overtreder betaalt ter compensatie van de ‘overlast’, staan gelijk aan het gegeven dat de gehangene zijn eigen touw moet kopen. Het is alsof de overheid zich in een slachtofferrol plaatst omdat ze ook nog eens moeite moet doen om iemand te bestraffen. Het verdient absoluut een schoonheidsprijs om deze kosten in de sanctie te verwerken.

Samengevat:
– trajectcontroles verhogen niet de verkeersveiligheid en zijn als plaatsvervangend te beschouwen van bonnenquota;
– de hoogte van de sancties op overtreding van de maximum snelheid op rijkswegen staat niet in verhouding tot de gepleegde overtreding;
– administratiekosten bij opgelegde beschikkingen in het algemeen zijn inherent aan een democratische rechtsstaat en horen dus thuis bij de overheidskosten om deze democratische rechtsstaat te kunnen handhaven.

Mijn verzoek aan u is om de trajectcontroles alleen in te zetten op trajecten waarbij de veiligheid aantoonbaar in het geding is en de sancties bij overtredingen van de snelheid in acceptabele verhoudingen te brengen ten opzichte van strafbare feiten in het algemeen.

Hoogachtend,

Advertenties