“Zwarte bladzijde”

Sylvana SimonsGisterenavond wijdde De Wereld Draait Door de uitzending aan het gerestaureerde Rijksmuseum. Diverse gasten kozen hun favoriete schilderij of museumstuk, en één van hen, de presentatrice Sylvana Simons, koos voor de surinaamse diorama’s van Gerrit Schouten (1779 – 1837), papieren driedimensionale stillevens van het dagelijks leven in Suriname.
Ze refereerde aan het feit dat 150 jaar geleden de slavernij in Nederland werd afgeschaft en was benieuwd welke koloniale kunst was gelieerd aan deze zwarte bladzijde uit de nederlandse geschiedenis.
Even zette ze me op het verkeerde been, want bedoelde ze het koloniale verleden als zwarte bladzijde of de slavernij, maar gauw werd duidelijk dat ze dit laatste bedoelde.

Ik heb altijd een ‘zwarte bladzijde’ ervaren als een periode of gebeurtenis die je overkomt, een donkere periode die je optekent maar waaraan je eigenlijk niet graag wordt herinnerd.
In de door Sylvana genoemde context wordt een ‘zwarte bladzijde’ een verwijtbaar handelen, een bewuste mis-daad die op ons conto wordt geschreven.

Het is algemeen gangbaar geworden de slavernij uit te tekenen in een slachtoffer- en een daderrol, waarbij de ‘blanke overheerser’, de koloniebezittende mogendheden, de schurk is.
Deze landen, moralistisch Nederland voorop, hebben gewillig dit boetekleed aangetrokken en bevestigen zodoende het gecreëerde beeld. Hierna zijn excuses, schadevergoedingen, herdenkingen en monumenten logische volgende stappen.
Ik schets slechts het proces hoe zoiets gaat. Het is niet mijn bedoeling iets af te doen aan de verschrikkingen van de slavernij of de minderwaardigheid van het fenomeen zelf.

Maar is het zoals het wordt getoond? Toen David Livingstone in 1851 in het afrikaanse Linyanti kwam (Botswana), was hij geschokt toen hij ervoer dat de Makololo’s leden van de aan hen onderworpen stammen aan de Mambari’s verkochten. Maar daar bleef het niet bij. Het bleek, dat de Afrikanen hofleverancier waren van slaven aan de Portugezen. Al eeuwen. Afrikanen die mede-Afrikanen verkochten!
Nee, zo zagen zij zichzelf niet, het waren stammen die slechts andere stammen onderwierpen. In oorlogen tussen afrikaanse volken werden veel krijgsgevangenen gemaakt die werden vermoord of als slaaf verkocht.
Waar dacht je dat de handelaars hun ‘voorraad’ haalden? Dat ze op jacht gingen, zodra ze met een schip afmeerden aan de kust? Welnee, op dat moment stond al een flinke partij klaar.

“Homo homini lupus est” zei Plautus omstreeks 200 voor Christus, ‘de mens is voor de mens een wolf’ en Thomas Hobbes bevestigde dit nog eens in zijn werk ‘Over de burger’ (1651). Verder bevestigt de mens het dag aan dag, al eeuwenlang.

Slavernij is niet het westerse fenomeen dat  van de 16e tot de 19e eeuw stand hield. Slavernij is eeuwenoud. Tegenwoordig is het vrijwel overal illegaal, ofschoon er naar schatting nog 100 miljoen mensen in een situatie leven waarin ze gedwongen tewerkgesteld worden.
Overwonnen volken werden in de oudheid vaak als slaven weggevoerd. In West-Europa werden tot het jaar duizend slaven vooral uit het heidense Oost-Europa gehaald, maar het was de Christelijke Kerk die de slavernij terugdrong als onwaardig.
Economisch bleef slavernij toch verkapt bestaan in het systeem van lijfeigenen en horigen. Men kon niet anders en het systeem werd lang in stand gehouden.

Spanje en Portugal kenden begin 1600 nog talrijke blanke, moorse, joodse en negerslaven. Toen de Nieuwe Wereld werd ontdekt (en geëxploiteerd) werden dan ook aanvankelijk blanke slaven daarheen getransporteerd, omdat de inheemse bevolking massaal stierf door ziektes als de pokken waartegen ze geen resistentie had.
In de 17e eeuw gingen ook vanuit Engeland, Frankrijk en Nederland slaven en misdadigers naar de koloniën in West-Indië, het Caribisch gebied en Suriname.
Toen halverwege de 17e eeuw in Virginia en New Carolina een tekort aan arbeiders ontstond, haalden met name tabaksboeren voor het eerst slaven uit Afrika. Ze wisten dat Afrikanen en Arabieren daar mensen verhandelden. Men ging op grote schaal slaven importeren uit Afrika, waar stamhoofden graag krijgsgevangenen, misdadigers, ongehoorzame slaven en dergelijken voor een goede prijs van de hand deden.
In de 18e eeuw begon de slavernij zich ook te ontwikkelen in de engelse kolonies langs de kust van Noord-Amerika, de oostkust van de latere Verenigde Staten.

Tussen ongeveer 1500 en 1850 werden zo’n 11 miljoen Afrikanen als slaaf over de Atlantische Oceaan getransporteerd. Het nederlandse deel hierin was rond de 550.000 slaven; 5% van de totale slavenhandel.
De Arabisch-Afrikaanse slavenhandel daarentegen is ouder dan de Europese en kent een zeer grote omvang. De Arabisch-Afrikaanse slavenhandel begon rond het jaar 500 en eindigde in de 20e eeuw! Geschat wordt dat tussen de 15 en 28 miljoen mensen zijn verhandeld door de Arabieren.

Slavenhandel is geen westers fenomeen. Het speelt wereldwijd. De rol van slachtoffer en beul is, als we kijken naar bevolkingsgroepen, moeilijk te onderscheiden.
Een herdenking dat 150 jaar geleden in Nederland de slavernij werd afgeschaft, is even triest als noodzakelijk. Laten we het koppelen aan de wetenschap dat er nog steeds  zo’n 100 miljoen mensen gedwongen tewerkgesteld worden, en laten we het dan niet bij herdenken houden. Er moet ook gehandeld worden. Ieder mens heeft recht op vrijheid!

De romeinse filosoof Seneca stelde: ‘Homo res sacra homini’, ‘de mens is iets heiligs voor de mens’.
Zo kan het ook.

Advertenties