Pasen ’72

hondIk nam een hond mee van de straat.
‘t Was avond en zo bitter koud.
Wij zitten thuis nu, maat naast maat.
Hij kijkt naar ‘t houtvuur als naar goud.

‘k Gaf hem een streel, een lekker bord
en liet hem slapen op het kleed,
tot uit mijn dut ik wakker word
als hoorde ik een rauwe kreet.

Had ik gedroomd van al het leed
dat mensen voor elkander zijn?
Mijn nieuwe vriend likte mijn hand,

likte de traan die er op viel,
als wou hij, met zijn dierenziel,
me zeggen dat er in elk land

nog mensen goed als honden zijn.

Johan Daisne

Advertenties